Verklarende woordenlijst
We hebben getracht zoveel mogelijk woorden en begrippen die met neurostimulatie en chronische pijn te maken hebben, onderstaand voor u te omschrijven.

Mochten er nog begrippen of andere onduidelijkheden zijn, horen wij dat graag van u en zullen we de woordenlijst uitbreiden. Een mailtje naar de webmaster volstaat.


Afstandsbediening (patiënten programmeer apparaat): geavanceerd apparaatje voor de neurostimulator om hem aan of uit te zetten en eventueel de amplitude (stroomsterkte) te veranderen.

Amplitude
: Sterkte of intensiteit van de stimulatie

Diathermie: Therapie bij medische apparaten die extern toegepast wordt om energie in het lichaam van de patiënt af te geven. De drie energietypes die gebruikt kunnen worden zijn kortegolf, microgolf en ultrasound. Afhankelijk van het gebruikte energieniveau, produceren diathermie-apparaten warmte binnen in het lichaam van de patiënt. (tekst brief waarschuwing)

Elektrode: Een kleine geleidingsdraad met een elektrodeplaatje die de elektrische stimulatie naar het ruggenmerg stuurt.

Endorfine: In het centrale zenuwstelsel geproduceerde polypeptyden. Deze hebben een morfineachtige werking. Bovendien hebben endorfinen een invloed op de stemming, emoties en gedrag. Endorfinen worden mogelijk ook opgewekt bij acupunctuur.

ESES: (Epidurale Spinale Electro Stimulatie) een terug te draaien ingreep waarbij de elektrode tegen het ruggenmerg wordt geplaatst en hiermee elektrische pulsen worden overgezonden om pijnsignalen tegen te houden voordat ze de hersenen bereiken.

Frequentie: Het aantal keren, in pulsen per seconde, dat een stimulatie-puls wordt afgegeven.

IPG: Implanteerbare Impuls Generator - het apparaatje dat elektrische pulsen naar het ruggenmerg stuurt voor het beheersen van uw pijn (ook wel pijn-pacemaker genoemd).

Magneet: Wordt meegeleverd bij de neurostimulator om hem aan of uit te zetten. Dient ook als back-up voor het geval de afstandsbediening problemen geeft.

Patiënten Programmeer Apparaat: Een afstandsbediening waarmee u zelf de IPG kunt aan- en uitschakelen. Daarnaast kunt u de stimulatie verhogen of verlagen.

Post Traumatische Dystrofie (PD): een complicatie die na een letsel of een operatie aan een lidmaat, arm of been, ontstaat. De ernst ervan staat los van de ernst van het letsel. Zo kan een klein letsel, bijvoorbeeld een kneuzing van de hand, een ernstige vorm van PD geven. Een zwaar letsel, zoals een gecompliceerde enkelbreuk, kan in lichte mate PD tot gevolg hebben.

Proefstimulator (screener): Een door een batterij gevoed systeem dat aan de kleding wordt bevestigd en die zwakke elektrische pulsen aan de sacrale zenuw afgeeft.

Programmeer apparaat: Hiermee wordt uw IPG geprogrammeerd om zo de juiste instellingen te kiezen voor uw pijnbeheersing. Het bestaat uit een computer, een programmeerkop en een printer. De programmeerkop wordt boven de IPG geplaatst om met behulp van radiogolven de instellingen te programmeren. Het gebeurt door de huid heen en is niet pijnlijk.

T.E.N.S. Staat voor Transcutaneous Electrical Nerve Stimulation.

Testgeleidingsdraad: Een dunne geleidingsdraad met een elektrodeplaatje als tip die elektrische stimulatie aan de sacrale zenuw afgeeft.

Tined Lead: Geleidedraad met elektroden dat voorzien is van kleine silicone weerhaakjes waardoor deze zich vanzelf vastzet op de plaats waar de stroomimpulsjes af gegeven moeten worden.